Jeugdvriendelijke natuur - natuurvriendelijke jeugd
De zomervakantie staat voor de deur. Binnenkort organiseren honderden jeugdgroepen hun zomerkamp voor meer dan honderdduizend Vlaamse kinderen en jongeren. Het kamp is meestal dé afsluiter en hét hoogtepunt van het jeugdwerkjaar. De meeste groepen zoeken een verblijfplaats dicht bij de natuur en het bos. Maar natuur is schaars in Vlaanderen. Daardoor is het niet evident voor jeugdbegeleiders om er voldoende speelruimte te vinden.
Om jeugdwerkers te helpen bij het organiseren van activiteiten in de natuur, werden al verschillende initiatieven genomen. Op 27 juni stelden vertegenwoordigers van ministers Kris Peeters/Hilde Crevits en Bert Anciaux, ARGUS en Inverde deze tijdens een persconferentie voor in een speciaal voor de gelegenheid opgezet kampterrein.
Onderzoek ‘Natuur en spel doorgelicht’
Inverde vzw voerde in opdracht van ARGUS, het milieupunt van KBC en Cera, een onderzoek uit naar spelen in de natuur. Er werd gepolst naar de praktijkervaring en houding die jeugdgroepen en natuurbeheerders hebben tegenover natuurvriendelijk spelen. “Uit de resultaten blijkt dat jeugdgroepen regelmatig in een natuurgebied spelen" stelt Joeri Vanbelle, projectcoördinator bij Inverde. “Jeugdgroepen en beheerders zijn het er over eens dat het voor een jeugdgroep aangenaam is om te spelen in een natuurgebied. Spelen in de natuur zorgt voor meer respect voor de natuur. Zowel de beheerders als de jeugdgroepen vertellen ons dat jeugdgroepen meestal rekening houden met de gevoeligheden van het gebied. Het contact tussen de jeugdsector en de natuursector is momenteel ook positief."
Uit het onderzoek blijkt dat de meerderheid van zowel jeugdgroepen als natuurbeheerders het er over eens is dat spelen in een natuurgebied moet kunnen onder bepaalde voorwaarden. Bovendien kan volgens de meerderheid van de beheerders een gedeelte van hun werkingsgebied ter beschikking worden gesteld van jeugdgroepen. “Dit opent perspectieven voor de afbakening van meer speelzones. Zo’n 13% van de natuurgebieden zou in aanmerking komen als speelzone voor de jeugd. Mits goede communicatie en overleg lijkt het ons alvast een haalbare kaart", aldus Joeri Vanbelle.
| Klik hier om de resultaten van het onderzoek te downloaden. |
Go4Nature
Jeugdbewegingen en beheerders of eigenaars van natuurrijke terreinen worden door Go4Nature jaarlijks uitgenodigd om projecten uit te werken die op het terrein speelruimte creëren voor jeugd. De jeugdbewegingen helpen in ruil bij bepaalde beheerswerken. “Dit jaar werden 10 projecten voorgelegd waarvan er 8 een steun kregen van 1.070 tot 2.000 euro. Go4Nature wil concreet invulling geven aan het Charter voor Jeugd, Natuur en Bos. Het is een samenwerkingsverband tussen overheid, NGO’s in de bos-, natuur- en jeugdsfeer en ARGUS." stelt Helga Van der Veken, directeur van ARGUS.
Toelichting bij het beleid
Het Kiekebosboek is een praktisch handboek voor bosvriendelijke spelen. Het is bedoeld voor het jeugdwerk en iedereen die met kinderen en jongeren het bos intrekt. De eerste editie van dit handboek bleek een groot succes te zijn en was al snel uitverkocht. Minister Anciaux kondigde vandaag dan ook aan om voor de tweede uitgave van het Kiekebosboek 55.000 euro vrij te maken. In deze uitgave zal naast het klassieke bosvriendelijk spelen ook aandacht zijn voor natuurvriendelijk spelen buiten de bossfeer zoals heideterreinen, duingebieden, struwelen en moerasgebieden.
De Vlaamse minister van Jeugd is verheugd dat het jeugdwerk en de bos- en natuursector elkaar blijven vinden en over de verschillende beleidsdomeinen heen verder samenwerken. “Spelen is voor kinderen en jongeren enorm belangrijk, en ruimte om te spelen is dat evenzeer. Naast het ver- of heroveren van ruimte in de buurt zijn ook bos- en natuurgebieden een gedroomde speelplek voor kinderen. Een fantastische, avontuurlijke plaats om te spelen en op ontdekking te gaan. Maar een bos is en blijft natuurlijk een bos, een stukje natuur dat ook de nodige bescherming nodig heeft. Daarom vind ik het ook belangrijk dat jeugdwerkers spelen in het bos op een kind- en natuurvriendelijke manier kunnen blijven organiseren. Het Kiekebosboek kan hen daarbij helpen.", aldus Els Van Effelterre, raadgever van minister Anciaux.
Volgens Jan Verheeke, raadgever van minister Peeters/minister Crevits werden tot op vandaag 367 speelzones aangeduid in Vlaanderen, wat overeenkomt met 2000 hectare of ongeveer 1,5% van het bosareaal. In natuurreservaten moet deze dynamiek nog op gang komen want daar werden slechts een 20-tal hectare aangeduid als speelzone. Een nieuw toegankelijkheidsbesluit voor bos- en natuurgebieden dat tegen het najaar wordt aangekondigd, moet daar een stevige duw in de rug geven. Verheeke gaf ook aan dat de nieuwe minister een oplossing wil zoeken voor de financiering van de vormingsactiviteiten. Uit bovenvermeld onderzoek blijkt immers dat zowel de jeugd- als de natuursector hiervoor sterk vragende partij zijn.

