Inverde

Technisch Vademecum Bomen: interview met de auteur

 Het Agentschap voor Natuur en Bos werkte in 2008 een nieuw Technisch Vademecum Bomen uit in de reeks van het Harmonisch Park- en Groenbeheer. Hierin komen alle technische beheerrichtlijnen aan bod voor een kwalitatief bomenbestand (van aanplant tot velling). Het nieuwe vademecum werd voorgesteld tijdens de studiedagen Bomen, maar wij hadden in het voorjaar van 2008 alvast een gesprek met de auteur en coördinator van de stuurgroep, Inverde-collega Tom Joye.

Tom, op 15 april wordt het vademecum Bomen voorgesteld aan het publiek. Het is een omvangrijke publicatie geworden, boordevol informatie voor de groenbeheerder om zelf een oordeelkundig bomenbeheer te voeren. Hoe lang heb je er eigenlijk aan gewerkt?

‘Het vademecum was zowat mijn eerste opdracht toen ik in 2006 bij Inverde kwam werken. Alles bij elkaar genomen heb ik er 1 jaar en 5 maanden aan gewerkt, waarvan één jaar zo goed als full-time. Uiteraard heb ik niet alles in mijn eentje gedaan, ik kon gelukkig rekenen op de ondersteuning en de inbreng van een ruime stuurgroep. Iedereen die iets met bomen te maken heeft, was hierin vertegenwoordigd: het Agentschap voor Natuur en Bos, de cel Onroerend Erfgoed, de boomverzorgingssector, het Instituut voor Natuur en Bosonderzoek, de journalistieke sector, de Nationale Boomgaardenstichting, verschillende lesgevers Harmonisch Park- en Groenbeheer, de Nationale Bomenbank uit Nederland, boombeheerders van steden en gemeenten en het Agentschap voor Wegen en Verkeer.

De vertegenwoordiging uit zoveel verschillende sectoren was bijzonder waardevol en maakte dat het vademecum breed gedragen wordt. Anderzijds leidt een stuurgroep met zoveel actoren er onvermijdelijk toe dat je trager en moeizamer vooruit gaat.
De eerste en belangrijkste stap bij de redactie van een naslagwerk, ongeacht de omvang, is het oplijsten van de inhoud. Daar ben je al snel een tijdje mee bezig, want je wil natuurlijk dat je werk zo volledig mogelijk is. Vervolgens ga je over elk onderdeeltje informatie verzamelen en zorg je ervoor dat alles gecheckt, gedubbelcheckt en nog eens getrippelcheckt wordt.

Concreet gingen we als volgt te werk: ik schreef een aantal teksten en stuurde die vervolgens via e-mail naar de leden van de stuurgroep, met de bedoeling om de discussie op gang te trekken. Tijdens de vergaderingen werden mijn teksten becommentarieerd en waar nodig bijgestuurd. Vervolgens verwerkte ik al die opmerkingen, schreef ik nieuwe teksten, stuurde die naar de stuurgroep, enz.’

Tom heeft blijkbaar ook de meeste foto’s zelf gemaakt. ‘Dat klopt. Er staan zo’n 230 foto’s in het vademecum. We hebben het hier over zeer specifiek en technisch beeldmateriaal. Dergelijke foto’s zijn bijna niet kant en klaar te vinden, die moet je op maat (laten) maken. En zo heb ik dus ongeveer de helft van het land afgereisd op zoek naar bruikbaar materiaal. Gelukkig hebben we ook van heel wat mensen geschikte beelden gekregen, waarvoor bij deze hartelijk dank.’

Verder bevat het vademecum ongeveer 160 figuren. Ook hier was de inbreng van Tom van groot belang. Hij maakte immers voor nagenoeg alle figuren de voorbereidende schetsen, zodat de tekenaar een technisch correct voorbeeld had om mee aan de slag te gaan.

 Het Technisch Vademecum Bomen is in eerste instantie een boek voor boombeheerders. Maar dankzij de begrijpelijke taal en de vele fotovoorbeelden is het werk echter ook toegankelijk voor het brede publiek. Al wie geïnteresseerd is in de thematiek van straat- en parkbomen vindt in dit vademecum een schat aan praktische en bruikbare informatie. Dit is meteen het verschil met het Stadsbomenvademecum uit Nederland, dat iets minder toegankelijk is en daardoor bijna uitsluitend door specialisten wordt geraadpleegd.

‘Het is vooral de bedoeling om een aantal hardnekkige misverstanden en vastgeroeste (verkeerde) gewoonten recht te zetten waar niemand zich nog vragen bij stelt. Zo worden bomen bijvoorbeeld nog regelmatig te diep geplant, vanuit de veronderstelling ‘hoe dieper hoe steviger’. Dit is echter helemaal niet nodig en loopt bijna altijd slecht af voor de boom. Zelfs 5 tot 10 cm te diep kan al fataal zijn: een boom die te diep staat, kwijnt weg door gebrek aan zuurstof. Een ander thema waar nogal wat misverstanden rond bestaan, is het snoeien van bomen. In feite zouden bomen enkel mogen gesnoeid zouden worden door iemand die daar een opleiding over gekregen heeft. Eenvoudig snoeiwerk zoals de begeleidingssnoei bij jonge straatbomen kan door eigen personeel worden uitgevoerd, mits een goede voorafgaande opleiding. Enkele dagen cursus volstaan doorgaans om iemand de knepen van het vak te leren. Het gespecialiseerde bomenwerk, zoals onderhoudssnoei bij volwassen bomen is het werk van een boomverzorger … of zou dat toch moeten zijn. ’

Nu het Technisch Vademecum Bomen afgerond is, willen we graag horen van Tom of Inverde nog meer bomenplannen heeft?

‘Volop. Ik denk daarbij in eerste instantie aan de opleiding boomverzorging. Tot nu toe organiseerde Inverde deze samen met Elishout maar vanaf dit najaar starten wij met een volledig onafhankelijke opleiding boomverzorger. Verder is Inverde nog steeds actief op het domein van het certificeren van boomverzorgers, met name in het kader van European Tree Worker en European Tree Technician.  Daarnaast mogen we ook het uitgebreide opleidingspakket niet vergeten dat Inverde aanbiedt aan zowel steden en gemeenten als het brede publiek. En uiteraard is het de bedoeling dat we nieuwe opleidingen zullen ontwikkelen rond het Technisch Vademecum Bomen zelf, binnen het opleidingstraject Harmonisch Park- en Groenbeheer voor Steden en Gemeenten. Leidinggevenden, ontwerpers en arbeiders zullen zeer goedkoop een basiscursus kunnen volgen, om hen nog beter te leren zelf een oordeelkundig bomenbeheer te voeren of in te schatten wanneer gespecialiseerde kennis nodig is.’

Voor meer informatie over het Technisch Vademecum Bomen en voor een digitale versie, klik hier.
Voor meer informatie over het aanbod van Inverde, klik hier.

 Tom Joye is bio-ingenieur bos- en natuurbeheer. In een vorig leven was hij instructeur landschapszorg voor een sociale werkplaats en vervolgens adviseur stedenbouwkundige vergunningen voor het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB). Binnen Inverde staat Tom als projectcoördinator en docent in voor het luik Harmonisch Park- en Groenbeheer. Buiten Inverde werkt hij als boomverzorger. U hebt het al begrepen: bomen zijn Tom’s grote ‘dada’.


AANDACHT: De internet-browser die u gebruikt, voldoet niet aan de huidige internet-normen.
Daarom krijgt u deze sterk vereenvoudigde versie van de website te zien.

Site ontwikkeling door Quixpace bvba