
Auteurs : Patrick Hommel, Rein de Waal, Bart Muys, Jan den Ouden en Theo Spek
KNNV Uitgeverij, Zeist, 2007 (www.knnvuitgeverij.nl), ISBN 9789050112666
Dit boek is een mijlpaal in het begrip van het West-Europese bos en moet dan ook voldoende breed in onze sector van bos- en natuurbeheer bekend raken en gelezen worden. Het is vlot geschreven en zeker niet ontoegankelijk gemaakt voor de gemiddelde liefhebber. Eigenlijk betreft het verplichte lectuur voor elke cursist of student bos- of natuurbeheer die zichzelf respecteert.
De essentie is dat men door het gebruik van boom- en struiksoorten met een rijk bladstrooisel de humuskwaliteit op peil kan houden, meer zelfs gedegradeerde situaties kan herstellen. Zowel op rijke als op arme bodem krijgen we immers zichzelf versterkende natuurlijke processen die het bos de éne (voedselarme) of de andere (voedselrijk met regenwormen) richting uit drijven. In 1993 behaalde Bart Muys, één van de auteurs, zijn doctoraat op dit onderwerp aan de universiteit van Gent en dankzij dit boek kan deze kennis een breder publiek in Vlaanderen en Nederland bereiken.
De voorbeelden komen wel nog bijna allemaal uit Nederland en het is duidelijk vooral voor Nederland geschreven, wat niets afdoet aan de waarde van de boodschap voor Vlaanderen.
Voor een herdruk kan er wat meer naar Vlaanderen toe gewerkt worden. Hopelijk wordt het trouwens vertaald in de talen van onze buurlanden, waar ze even goed nood hebben aan deze bevindingen.
Goede bodemverbeteraars zijn in de eerste plaats linde, maar ook es, esdoorn, iep en hazelaar. Zij bieden een grotere biodiversiteit, een aantrekkelijker bos voor de recreanten, verzachting van de effecten van luchtverontreiniging en verhoging van de bodemvruchtbaarheid. Als referentie wordt verwezen naar het Atlantisch lindewoud van 5000 jaar geleden en dit beeld wordt als inspiratie genomen voor een duurzaam, natuurgericht en geïntegreerd bosbeheer.
Het gebruik van een menging met rijkstrooiselproducenten om in het bos een evenwichtige voedingscyclus te behouden is eigenlijk even belangrijk als andere ecologische principes in het bosbeheer zoals menging, ongelijkjarigheid, inheemse soorten en een zekere hoeveelheid dood hout en open plekken. En het is hoog tijd dat men dit op grote schaal systematisch gaat toepassen, dat men er bij het bosbeheer steeds in het achterhoofd rekening mee houdt.
Reeds 70 jaar geleden koppelde de geniale W.H. Diemont zijn bosbouwkundige kennis aan zijn vegetatiekundige inzichten en benadrukte hij het belang van natuurlijke processen voor de keuze van boomsoorten en mengingen om bodemverzuring te vermijden. Als een eerbetoon wordt deze in Vlaanderen minder bekende beheerder-wetenschapper verschillende keren in het boek genoemd. Het komt erop aan samen te werken met een natuurlijk zelfversterkend proces. Eigenlijk zijn het de bomen die het werk doen.
In het boek worden de zaken zeer praktisch aangepakt. De verschillende bodemsituaties worden besproken ten opzichte van het linde-effect en het blijkt dat de grootste kansen liggen op matig voedselrijke, verzuringsgevoelige bodems. Problemen als wildvraat, Adelaarsvaren en bemesting worden helder besproken. Misschien kunnen ze bij een volgende gelegenheid nog wat explicieter behandeld worden.
Tenslotte kunnen we niet nalaten de beeldrijke taal van dit boek te prijzen. Termen als linde-effect, degradatiespiraal, kalkpomp en ecosysteemingenieurs zullen allicht in de toekomst meer voorkomen in onze gesprekken. Dit boek moet je dus gelezen hebben !
Willy Verbeke, 25 januari 2008

Auteur: Herman Dierickx en foto’s: Marc Slootmaekers
Uitgever: Lannoo
(2007, 158 pgs.)
ISBN: 9789020960570
Het tweede boek in de reeks 'Natuurlijk Vlaanderen' over alle natuurreservaten van Vlaanderen. In dit boek worden ongeveer 150 natuurgebieden gemeente per gemeente beschreven met de natuurtroeven en info om ze zelf te bezoeken. Sprekende foto's van natuurfotograaf Marc Slootmaekers maken van dit informatieve werk een natuurboek om van te genieten.
De verscheidenheid aan landschappen en natuurelementen in West-Vlaanderen is groot. Van de unieke welvende duingebieden over de met sloten doortrokken vlakke polders tot het 'bergachtige' Heuvelland: ze liggen allemaal slechts op een boogscheut van elkaar. In het achterland bestaan zelfs heuse heidebiotopen met hun relatief intacte leefgemeenschappen. In dit boek zijn alle natuurgebieden beschreven, telkens met praktische info om ze zelf te bezoeken. De auteur stippelde ook acht trajecten uit die gebundeld werden in een handige, gratis wandelpocket bij dit boek.
Beestjes! Speurtocht door de fascinerende wereld van kleine vliegers en kruipersAuteur: Nick Baker
Uitgever: Tirion Natuur
(2006, 144 pgs.)
Op natuursafari in eigen tuin!
Boordevol leuke weetjes en informatie over bouw, levenswijze en identificatie van allerlei beestjes om ons heen.
Met eenvoudige proeven en experimenten.
Praktische adviezen voor het verantwoord verzamelen en houden van beestjes.
Niet griezelig, maar leuk!
Geïllustreerd met spectaculaire foto’s en gedetailleerde tekeningen.
Beestjes staat boordevol prachtige foto’s en tekeningen, adembenemende close-ups, spannende, makkelijk uit te voeren proefjes, verbazingwekkende feiten over gedrag van kleine kruipers en vliegers die overal om ons heen leven: spinnen, vlinders, wormen, mieren enzovoort. Het bevat ook informatie over hoe men op eenvoudige wijze beestjes kan observeren en schuilplaatsen kan creëren. Een stimulerend lees-, kijk- en doeboek voor jong en oud! Nick Baker was onderzoeker bij de BBC Natural History Unit. Inmiddels is hij een bekende tv-persoonlijkheid die op geestige en avontuurlijke wijze de natuur voor een breed en vooral jong publiek tot leven wekt .

Auteurs: Bart Vercoutere, Niko Boone, Maarten Hens
Foto’s: Désiré Vanautgaerden
Uitgever: Davidsfonds/Leuven
ISBN: 90-5826-427-0 (2006, 136 pgs.)
Mysterieuze moerassen, kabbelende beekjes of stijlvolle stromen: de Dijle heeft vele gezichten. Van Genappe tot Mechelen streelt, doorklieft en doorkronkelt ze drie Belgische provincies. Als een vloeiende penseelstreek tekent de rivier het landschap.
Het Dijleland voert u mee langs donkere bossen, wuivende akkers en holle wegen in de streek. U wordt ondergedompeld in het fascinerende verhaal van deze rijke natuur. Met de tijd heeft de rivier het landschap gekneed tot hoe het er nu uitziet. De auteurs keren terug naar de bron van de geschiedenis, om uit te monden bij de actuele aanblik van de rivier en haar oevers.
Van landbouwplateaus en valleien tot boscomplexen, heiden en stroompjes, geen enkel hoekje blijft onbesproken. Dankzij de gedetailleerde beschrijvingen en heldere inzichten doorkamt elke lezer de verscheidenheid van het landschap. De adembenemende foto’s geven een voorproevertje van de schoonheid van het Dijleland. Het perfecte menu voor een gevarieerde wandeling!

Redactie: Prof. Dr. R. Caubergs – Departement Biologie – Universiteit Antwerpen, Prof. Dr. S. Bortenschlager – Universiteit Innsbruck (Oostenrijk)
Lic. I. van Dyck, F. Neefs
De volledige reeks (6 CD Rom’s) bevat meer dan 1500 hoge resolutie foto’s (microscopie en macroscopie) van planten, bomen, wieren, schimmels, enz. en meer dan 500 tekeningen. Er wordt veel aandacht besteed aan schermen met overzichtelijke inhoud en tekstfragmenten.
Onze docent natuurbeheer ziet deze CD’s als een bron van tekeningen en illustraties voor de educatie op hogeschool of universitair niveau. Universiteiten en scholen mogen trouwens de afbeeldingen van de CD’s gebruiken in presentaties en teksten. Ze bevatten ook oefenbladeren.
De meeste beelden zijn microscoopbeelden, vaak doorsneden van weefsels van planten, wieren, mossen of schimmels. Didactische tekeningen van levenscycli, weefseltypes, evolutielijnen worden ook weergegeven. Foto’s geven een beeld van hoe de organismen er in het echt uitzien.
Deze CD’s zijn nuttig voor personen die les of werkcolleges geven aan universiteiten of hogescholen. De uitleg bij de figuren is goed maar bij sommige figuren afwezig. Deze CD’s zijn dan ook nuttig om als illustratief materiaal te gebruiken in een les maar staan niet op zich zelf. Een goed tekstboek van algemene plantkunde is nodig om optimaal gebruik te maken van deze rijke illustratieve bronnen.

Auteurs: P. Waring, M. Townsend
Uitgever: Tirion Natuur
ISBN: 90-52-10625-8 (2006, 432 pgs.)
Deze unieke gids biedt een deskundig overzicht van alle in Nederland en België voorkomende macro-nachtvlinders. Vrijwel alle soorten worden uitgebreid beschreven en in beeld gebracht met minimaal één tekening in de natuurlijke rusthouding.
Dit boek bevat:
• Meer dan 1600 prachtige gedetailleerde tekeningen in kleur van ruim 900 soorten, weergegeven in hun natuurlijke rusthouding.
• Meer dan 80 foto’s van rupsen.
• Kenmerken, gelijkende soorten, vliegtijd en gedrag, levenscyclus, waardplanten en habitat.
• Vertaling, bewerking, redactie: De Vlinderstichting

Auteur: Elizabeth Kolbert
Uitgever: Kosmos Z&K
ISBN: (2006, 191 pgs.)
Hoewel het klimaat altijd aan verandering onderhevig is geweest, worden de bewijzen steeds duidelijker dat het menselijk handelen van grote invloed is op de huidige opwarming van de aarde.
De mensheid heeft tot nu toe maar weinig gedaan om deze tendens om te buigen. De tijd begint echter te dringen… Aan het eind van deze eeuw zal de wereld warmer zijn dan ooit tevoren in de afgelopen twee miljoen jaar, en de gevolgen daarvan zullen bepalend zijn voor het verdere leven op aarde.
Elizabeth Kolbert trok de hele wereld rond en doet op persoonlijke wijze verslag van de gevolgen die nu al zichtbaar zijn door deze klimaatverandering. Ze interviewt wetenschappers en experts, bestudeert cijfers en politieke verhandelingen, maar trekt ook een parallel met verloren beschavingen uit de oudheid en laat mensen aan het woord die op dit moment hun leefwereld al zien verdwijnen als direct gevolg van het dreigende klimaat.
Veldgids amfibieën en reptielenAuteurs: Ton Stumpel en Henk Strijbosch
Uitgever: KNNV Uitgeverij (www.knnvuitgeverij.nl)
ISBN: 90-5011-168-8 (2006, 318 pgs.)
Twee Nederlandse topdeskundigen beschrijven 125 soorten van Europa. Met deze gids kunnen de soorten eenvoudig en trefzeker op naam gebracht worden. Niet alleen op basis van meer dan 250 kleurenfoto’s, maar ook aan de hand van de uitgebreide beschrijvingen en door het gebruik van de geïllustreerde determinatiesleutel. Bovendien hebben de auteurs hun veldervaringen en die van vele anderen in de soortbeschrijvingen verwerkt om zo de lezer op eenvoudige wijze te helpen verwarring tussen soorten te voorkomen en de trefkans in het veld te vergroten. De actuele en betrouwbare informatie over leefgebied, verspreiding en leefwijze maakt deze veldgids compleet! En, heel handig voor in de vakantie: de soortnamen in het Engels, Duits, Frans, Spaans en Italiaans!
Auteur: Michiel Bussink
Uitgever: Stichting wAarde
ISBN: 76661-12X (2006, 128 pgs.)
Eten van wat je onderweg tegenkomt, geeft een wandeling door het bos of een fietstocht door de velden net dat beetje extra. Bramen plukken, dat kennen we nog wel. Maar wie weet er dat rucola in overvloed in het wild groeit en dat je van lijsterbessen een heerlijke gelei kunt maken?
Op uitnodiging van Stichting wAarde schrijft Michiel Bussink op een aanstekelijke manier over zo’n vijftig eetbare wilde planten, bloemen, bessen, noten en paddestoelen. Interviews met wilde-planten-eters (van amateur, tot drie-sterrenkok) en verrukkelijke recepten prikkelen de lezer om de deur uit te gaan, op zoek naar al dit lekkers dat de vrije natuur ons te bieden heeft.