Vraag: is er voldoende afvalhout in de streek van het Brabants leemplateau om een kleine electriciteitscentrale te laten draaien ?
Opmerking: Dit is een vraag die ons is gesteld en nogal specifiek, maar het antwoord kan wel dienen als denkoefening voor andere regio's.
Er worden 4 bronnen onderscheiden van hout:
In Regionaal Landschap Dijleland wordt de houtproducerende oppervlakte in beheerde holle wegen geschat op 68 ha. Beboste, dichtgegroeide delen, waar geen beheer gebeurt zijn hierin niet opgenomen.
In Regionaal landschap Noord-Hageland is er 81 km holle weg, waarvan naar schatting 80% houtig.
Een productie van 5m³/ha.j wordt als realistisch, en zeker niet overdreven ingeschat. Het zijn immers doorgaans zeer vruchtbare bodems. De oppervlakte is berekend op een gemiddelde breedte van 10m.
schatting RLD: 68 x 5 = 340 m³/jaar
schatting RLNH: 65 x 5 = 325 m³/jaar
De eerste 10 jaar zal er nog een achterstallig beheer zijn, zodat deze cijfers een stuk hoger kunnen liggen.
Vers hout weegt ongeveer 850 kg /m³ dus komen we voor RLD op minstens 340 m³/j x 0,85 ton/m³ = 289 ton/j (voorzichtige schatting, makkelijk haalbaar)
In regio Interrand (Hoeilaart, Overijse en Tervuren) worden er per jaar per inwoner 122 kg houtig afval geproduceerd (91 kg snoeihout, 6kg stronken, 25kg houtafval), wat op de containerparken terechtkomt.
De 10 gemeenten van RLD hebben 218 138 inwoners, zodat er per jaar 26.613 ton houtig afval geproduceerd wordt (RLD: 16.470 ton/j). Aangezien de verwerkingscapaciteit vol zit is deze grote hoeveelheid in Vlaanderen op dit ogenblik een probleem. Allicht kan een deel van deze massa gebruikt worden voor groene stroom.
Het is in ieder geval duidelijk dat deze bron doorslaggevend is. Overlapping met de vorige bron zal er weinig of niet zijn.
Navraag bij houtvesterij Leuven leerde dat er op dit ogenblik eigenlijk geen problemen zijn met de houtafzet, ook niet van dunne stammetjes en jonge dunningsproducten. Ook het hout uit hakhoutbestanden vindt afnemers. Er worden paaltjes, sjorhout en brandhout van gemaakt. Af en toe wordt er een lot hout niet dadelijk verkocht, maar uiteindelijk wordt normaal altijd een afnemer gevonden.
In heel wat privé-bossen is er natuurlijk een dunningsachterstand, maar het is moeilijk in te schatten of hier materiaal zou uit voortkomen dat gebruikt kan worden voor groene stroom. De hoeveelheid hout beschikbaar voor groene stroom en voortkomende uit bestaande bossen moet als zeer laag tot onbestaande ingeschat worden. Zogauw er een electriciteitscentrale zou draaien kan het natuurlijk toch zijn dat er wat hout deze weg op gaat.
Er wordt gedacht aan 100 ha nieuwe houtkanten met een productie van 5 ton hout/ha.jaar, zodat er 500 ton/jaar beschikbaar zou zijn.
Hierbij passen enkele kanttekeningen:
Een generator die per jaar enkele duizenden tonnen afvalhout verwerkt tot groene stroom lijkt haalbaar in de streek van het Brabants leemplateau.
Voor een harvester die per dag enkele tientallen m³ hout verwerkt (om rendabel te zijn) lijken de houtkanten van RLD als enige werkveld te klein uit te vallen. Hier kunnen allicht oplossingen gezocht worden in de richting van bestaande bossen en houtkanten van bvb. RLNH.
Verdere studie is noodzakelijk, maar ik hoop toch enkele elementen aangebracht te hebben.
Met dank aan An Van Den Broeck (RLD), Etienne Ruys (RLD), Beatrijs Maes (RLNH), Frederik Vaes (EBG) en Ann Moreau (HV Leuven)